European Silver SRI®

 

 

ENSEMBLE VAN TWEE ZILVEREN VIERLICHTS KANDELABERS EN ZESZILVEREN KANDELAARS
Wed. J.H. Stellingwerff & A.B. van Grasstek, Amsterdam, 1842 en 1838 (2x) 1839 (2x) en circa 1839 (2x)

2 Kandelabers 1842: 3816 gram netto, 59,5 cm hoog; 2 Kandelaars 1838: 917 gram netto, 28,7 cm hoog; 4 Kandelaars 1839: 1905 gram netto, 28,7 cm hoog;

De kandelabers hebben een schacht bestaande uit drie aan elkaar geplaatste kolommen eindigend in gelobde kaarshouders met vetvangers, het geheel staat op een driekante basis, die geplaatst is op drie bolle voetjes. Het bovenstuk bestaat uit drie gekrulde met acanthus versierde armen, en een rechte, soortgelijke midden arm, eindigend in gelobde kaarsenhouders met vetvangers. De voeten van de kandelabers zijn later gegraveerd met een familiewapen. De zes kandelaars hebben hetzelfde model als de kandelabers en zijn voorzien van losse vetvangers met lobben. De voeten zijn alle opgevuld met een origineel houten plankje. Alle zijn gemerkt op plaatsen zoals dat gebruikelijk was sinds 1814. Bij twee kandelaars ontbreekt de jaarletter van 1839.

 

De Amsterdamse Firma As. Bonebakker & Zn had veel clientèle onder adellijke en vermogende families. Vele bekende namen komen voor in het archief als kopers van zilveren en gouden voorwerpen en juwelen. Vaak werden de zilveren en gouden voorwerpen eerst getekend om aan de cliënten te laten zien.[1] De opdracht tot het uitvoeren van de voorwerpen werd gedaan aan verschillende Amsterdamse zilversmeden, ieder op zijn eigen gebied als specialist, grootwerkers, couvertmakers, kleinwerkers en overige. Ook de zilversmeden Stellingwerff en Grasstek behoorden tot de vaste leveranciers als grootwerkers voor As. Bonebakker & Zn.[2]


De zilversmederij van Wed. J.H Stellingwerff & A.B. van Grasstek heeft veel zilveren voorwerpen gemaakt in opdracht van de Amsterdamse winkelier As. Bonebakker & Zoon. Het is Jacob Hendrik Stellingwerff die als zilversmid tot aan zijn dood in 1823 werkte voor onder andere Bennewitz & Bonebakker. Jacob werd geboren circa 1773 te Zwolle als zoon van de zilversmid Willem Lubertus Stellingwerff. Hij heeft het vak zilversmeden bij zijn vader geleerd. Rond 1794 kwam Jacob naar Amsterdam waar hij rond 1803 als zelfstandig zilversmid werkzaam was. Vermoedelijk heeft hij eerst in de werkplaats van Gebr. Peirolet gewerkt, zij waren immers zijn ooms. Ook zal hij het vak verder geleerd hebben van de Amsterdamse zilversmid Pieter van Reidt, die veel voor de Gebr. Peirolet heeft gewerkt. Na zijn dood in 1823 zette zijn weduwe Gesina Voorthuys het bedrijf voort, samen met Abraham van Grasstek, die al bij Jacob Hendrik Stellingwerff zilversmidsknecht werkte. De samenwerking werd in 1837 formeel met als bedrijfsnaam Weduwe Stellingwerff & Van Grasstek. In deze periode leverde deze firma veel voorwerpen aan As. Bonebakker & Zn. In januari 1850 werd het bedrijf opgeheven, startte Abraham van Grasstek zijn eigen bedrijf en bleef werken op dezelfde locatie, Bloemstraat 202. Vijf jaar later overleed Van Grasstek en zette zijn weduwe Gerardina Busser het bedrijf nog drie jaar voort tot 1858, waarna haar zoon Lodewijk van Grasstek het overnam.[3]



Van het type kandelaar met driekante basis bestaat een tekening uit circa 1835.[4] De vormgeving toont aan dat het Historisme rond 1840 in zwang was. Vergelijkbare kolommen komen voor bij kandelaars die in de tijd van de barok gemaakt werden. Bij alle kandelaars en ook de kandelabers zijn de voeten gevuld met een houten plankje, op maat gemaakt. Uit het archief van As. Bonebakker & Zn blijkt dat ook deze werden geleverd door de zilversmid. Ze werden houten ‘klossen’ in de kandelaars genoemd, met een kostprijs van f. 3,-. De kandelaars werden geleverd in zakken, gevoerd met zeemleer. De kostprijs van f. 12. was niet inbegrepen, maar werd betaald door de cliënt.

Een set van zes kandelaars uit de werkplaats van Wed. J.H Stellingwerff & A.B. van Grasstek werd in 1838 geleverd aan Mr. C. Dedel (Willink), Keizersgracht Spiegelstraat te Amsterdam.


2 Kandelaars

Twee kandelaars met de jaarletter D voor 1838 zijn hier aanwezig uit de eerder genoemde set.[5] Het stel van zes kandelaars is terug te vinden in het werkmeesterboek op 7 april 1838 bij de leveringen van Stellingwerff & Grasstek: 7 (april) -zes drie kante kandelaars met goudrons GK 2722 gram f. 240,-.[6]

Op 5 november 1838 staat vermeld in de boeken van As. Bonebakker & Zn dat deze geleverd zijn aan Mr. C. Dedel (Willink), Keizersgr. bij de Spiegelstraat6 kandelaars op 3 kantige voeten met gaudronnen en driekantige kolommen met gaudr. Kopjes GK 2722 F. 660,-.[7]

 

4 Kandelaars

Deze kandelaars zijn terug te vinden in het werkmeestersboek van 1839.[8] Twee kandelaars dragen de jaarletter E van 1839 op de vetvangers. Helaas ontbreekt, door een latere reparatie van de vetvangers, bij twee kandelaars de jaarletter op de vetvangers. Zonder twijfel zullen deze vier kandelaars bij elkaar hebben gehoord, omdat de plaatsing van de merken gelijk is aan elkaar. In 1987 zijn zes kandelaars van dit type geveild. Op basis van de veiling beschrijving kan de conclusie worden getrokken dat vier kandelaars van de zes geveilde kandelaars, deze moeten zijn. In de beschrijving wordt verwezen dat bij één paar de jaarletter ontbreekt.[9]

As. Bonebakker & Zn leverde dit type kandelaars in set van zes, althans dit is terug te vinden in de werkmeestersboeken. De omschrijving op 16 mei 1839 in het werkmeestersboek is: 16 (mei)- 6 drie kante kandelaars met goudrons GK 2836 gram  f. 240,-. In 1839, Stellingwerff & Grasstek leverde alleen deze set van zes kandelaars met deze omschrijving. Het totale vermelde gewicht, 2836 gram, komt goed overeen met de zes kandelaars van 1838, geleverd aan Mr. C. Dedel. Het gewicht van een enkele kandelaar uit dit ensemble, circa 460 gram, een totaal gewicht van zes kandelaars is circa 2760 gram, hetgeen goed overeenkomt met het gewicht dat vermeld wordt in de werkmeestersboeken. De set van zes kandelaars is kennelijk niet verkocht in 1839 maar vermoedelijk in 1841. Uit de journaalposten en kasboeken over dit jaar blijkt dat Mevr. Dourarière W. Borski, Keizersgracht, bij As. Bonebakker & Zn veel zilver, o.a. bladen, kandelabers, theepot en ook zes kandelaars koopt 1841 met een totale som van f 2790,60. De omschrijving van de kandelaars: 6 kandelaars op driekantige voeten & Kolommen GK 3071 f 710,- komt redelijk overeen. Kennelijk is de koop gedaan op 6 februari, maar is er afgeleverd op 2 april 1841, volgens een aantekening in de kantlijn.[10]

 

2 Kandelabers

Deze zijn afgeslagen met de jaarletter voor 1842 en voorzien van het winkeliersmerk Bonebakker & Zoon op de voetrand. De kandelabers zijn terug te vinden in jaar 1842 in het werkmeestersboek van As. Bonebakker & Zn. Op 21 september staat genoteerd dat Stellingwerff & Grasstek geleverd heeft: 2 driekantige Girandolle voor 4 ligten GK 3827 (gram)  f. 350,-.[11] De kandelabers waren bestemd voor C.P. van Eeghen (Huidekoper) uit Amsterdam. Op 22 september 1842 is de levering genoteerd voor C.P. van Eeghen met de omschrijving in het journaal en kasboek: - 2 Zilveren Girandolles ieder voor 4 lichten met matzilveren tulpen op 3 kantige grote voetstukken GK 3827 (gram)  f. 975,-. In het journaal  en kasboek staat ook vermeld dat er twee grote blikken geleverd zijn voor de kandelabers, voorf. 22,- [12]

 

Christiaan Pieter van Eeghen (1816-1889) was koopman, lid van de firma Van Eeghen, filantroop en onder meer initiatiefnemer en stichter van het Vondelpark. Hij huwde op 6 oktober 1842 Catharina Huidekoper (1822-1879). De kandelabers zullen vermoedelijk bestemd zijn geweest voor op tafel bij het huwelijksdiner.

In de 20ste eeuw zijn de kandelabers in het bezit van jhr.mr. Maximilien Vegelin van Claerbergen (1927-2007), ambassadeur voor Nederland, in onder meer Suriname en Frankrijk. Hij liet zijn wapen op de voeten van de kandelabers graveren.



[1] Benthem 2005, p. 60

[2] Benthem 2005, pp. 57-59

[3] Vreeken 2003, pp. 436, 474

[4] Benthem 2005, p. 482, afb. 619. Een set van vier kandelaars, dezelfde vormgeving, zie p. 482, afb. 620.

[6] GAA. 406, nr. 177 fol. 109 (1836-1838, Werkmeestersboek 7-april-1838)

https://archief.amsterdam/inventarissen/scans/406/1.4.7/start/110/limit/10/highlight/4

[7] GAA. 406, nr. 25, fol. 181 (1838) Debiteuren grootboek

https://archief.amsterdam/inventarissen/scans/406/1.1.27/start/0/limit/10/highlight/6

GAA. 406, nr. 25, fol. 181 (1838) Debiteuren grootboek

https://archief.amsterdam/inventarissen/scans/406/1.1.27/start/220/limit/10/highlight/2

GAA. 406, nr. 113, 5 november 1838 (Debiteurenboek (kasboek) 1838)

https://archief.amsterdam/inventarissen/scans/406/1.3.20/start/190/limit/10/highlight/8

[8] GAA. 406, nr. 178 fol. 1 (1839-1842), Werkmeestersboek 16-mei-1839)

https://archief.amsterdam/inventarissen/scans/406/1.4.8/start/0/limit/10/highlight/7

[9] De zes kandelaars zijn geveild bij Sotheby’s Amsterdam, 14 april 1987, lot 82,83 en 84. Lot 82 is omschreven dat de jaarletter ontbreekt.

[11] GAA. 406, nr. 179 fol. 1 (1839-1842, Werkmeestersboek, 21 september 1842)

https://archief.amsterdam/inventarissen/scans/406/1.4.9/start/0/limit/10/highlight/5

[12] GAA. 406, nr. 29, fol. 250 (1842, Debiteuren grootboek)

https://archief.amsterdam/inventarissen/scans/406/1.1.31/start/280/limit/10/highlight/8

GAA. 406, nr. 117, 22 september 1842 (Debiteurenboek (kasboek))

https://archief.amsterdam/inventarissen/scans/406/1.3.24/start/180/limit/10/highlight/10



ENSEMBLE OF TWO DUTCH SILVER FOUR-LIGHT CANDELABRA AND SIX DUTCH SILVER CANDLESTICKS

Wed. J.H.Stellingwerff A.B. van Grasstek, Amsterdam, 1842 and 1838 (2x) 1839 (2x) and circa 1839 (2x), Retailed by As. Bonebakker & Son

2 Candelabra 1842: 3816 grams of silver, 59,5 cm high

2 Candlesticks 1838: 917 grams of silver, 28,7 cm high

4 Candlesticks 1839: 1905 gram of silver, 28,7 cm high

 

The central stems of the candelabra are modelled as three conjoined tapering columns with fluted capitals, on raised shaped triangular bases, placed on three rope work bun feet. The three acanthus leaf- capped scroll arms and the straight central stem in similar outline, terminate in fluted urn capitals. The bases are later armorial engraved and are fitted with wood.

The candlesticks are in similar outline, with detachable gadroon drip pans and wood filled bases. Struck with hallmarks at the common places (since 1814). Apparently the date letters on two candlesticks of 1839 are missing.

 

The Amsterdam-based company As. Bonebakker & Son had their clientele among aristocrats and wealthy families. Many well-known names appear in the records, as commissioners of gold and silver objects and jewellery. Initially, drawings of the objects were usually shown to the clients. Then, several Amsterdam silversmiths were appointed for the actual execution of the objects, depending on their specialisms, as service workers, flatware workers, small workers and others. Stellingwerff & Van Grasstek were regular suppliers as service workers to the company As. Bonebakker & Son.

 

The company Wed. J.H. Stellingwerff & A.B. Grasstek used to make many silver objects in commission for the Amsterdam retailer As. Bonebakker & Son. Previously, it was Jacob Hendrik Stellingwerff who used to work until his death in 1823 for the company Bennewitz & Bonebakker. Jacob Hendrik was born in Zwolle in 1773. His father, Willem Lubertus Stellingwerff was also a silversmith, who trained his son in his own workshop. Around 1794 Jacob left for Amsterdam, where he worked as a self-employed silversmith around 1803. Presumably, he first worked in his uncles’, the Peirolet brothers, workshop. The Amsterdam silversmith Pieter van Reidt, who used to work for the Peirolet brothers, might have given him a further training in silversmithing. After Jacob Hendrik’s death in 1823 his widow Gesina Voorthuys led the company, together with Abraham van Grasstek, who used to be employed by J.H. Stellingwerff. In 1837 the company Wed J.H. Stellingwerff & A.B. van Grasstek was founded. At that time the company was a regular supplier to As. Bonebakker & Son. However, in 1850 the company w. shut down. Abraham van Grasstek founded his own company and he stayed and worked at the same location, Bloemstraat 202. After some years Van Grasstek died. Then his widow Gerardina Busser was in charge of the company until 1858, when her son Lodewijk van Grasstek took over the company.

 

A drawing/design of this type of candlestick with triangular base exists, made circa 1835. Regarding the design Historism was popular around 1840. Similar column stems were made in the Baroque period. The bases of the presented candlesticks and candelabra in the ensemble are fitted with wood. In the As. Bonebakker & Son records the wood is referred to as ‘klossen’, supplied by the silversmith, costing 3 guilders. The additional bags for these candlesticks, lined with chamois leather, had to be paid by the client, costing 12 guilders extra.

In 1838 a set of six candlesticks by Wed. Stellingwerff & Van Grasstek was sold to Mr C. Dedel (Willink), Keizersgracht /Spiegelstraat in Amsterdam.

 

2 Candlesticks

Two candlesticks presented, struck with date letter D, used to be part of the former set. The set of six can be traced in the werkmeestersboek on 7 April 1838, describing the supplies of Stellingwerff & Grasstek: 7 (april) -zes drie kante kandelaars met goudrons GK 2722 gram f. 240. On 5 November 1838, according to the records of As Bonebakker & Son, these were delivered to Mr C. Dedel (Willink), Keizersgr. bij de Spiegelstraat6 kandelaars op 3 kantige voeten met gaudronnen en driekantige kolommen met gaudr. Kopjes GK 2722 F. 600.

 

4 Candlesticks

These candlesticks can be traced in the werkmeestersboek of 1839. The drip pans of two candlesticks have been struck with date letter E (1839). The other two, however, due to later repairs, do not display the date letter on the drip pans. Without any doubt these four belong together, because the marks were struck at similar spots. In 1987 six candlesticks of this type were sold at auction. It can be concluded from the description in the catalogue that four of those six candlesticks are actually these four, because it is stated that two of them have no date letter.

 

The company As. Bonebakker & Son, according to its werkmeestersboeken, offered this type of candlesticks in sets of six. On 16 May 1839 it was written in the werkmeestersboek: 16 (mei)- 6 drie kante kandelaars met goudrons GK 2836 gram f. 240,-. In the year 1839 Stellingwerff & Grasstek supplied just this set of six. The total weight of 2836 grams equals the weight of the 1838 set of six for Mr C. Dedel.

A single candlestick from this ensemble weighs ca. 460 grams, the total weight of six totals ca. 2760 grams, approaching the weight mentioned in the werkmeestersboeken.

 

However, the set of six candlesticks was not sold in 1839, but presumably in 1841. That year, as can be concluded from the journals and ledgers, Dowager Mrs W Borski, Keizergracht, bought a great variety of silver objects at As. Bonebakker & Son, such as salvers, candelabra, a teapot and also six candlesticks for a total of 2790,60 guilders. The description of these candlesticks reads: 6 kandelaars op driekantige voeten & Kolommen GK 3071 f 710,-. Apparently they were sold on 6 February, but they were delivered at 2 April 1841, as was scribbled in the margin.

 

2 Candelabra

These candelabra have been struck with date letter H (1842) and display the retailer’s mark of As. Bonebakker & Son at the foot rim. They can be traced in the 1842 werkmeestersboek of As. Bonebakker & Son. On 21 September it reads: 2 driekantige Girandolle voor 4 ligten GK 3827 (gram) f. 350,-, delivered by Stellingwerff & Grasstek.

 

This pair of candelabra was ordered by C.P. van Eeghen (Huidekoper), Amsterdam. According to the journal and ledger the candelabra were delivered to him on 22 September 1842: - 2 Zilveren Girandolles ieder voor 4 lichten met matzilveren tulpen op 3 kantige grote voetstukken GK 3827 (gram) f. 975,-. ,together with two large tin barrels for the candelabra, costing 22 guilders extra.

Christiaan Pieter van Eeghen (1816-1889) was a merchant, member of Van Eeghen firm, philanthropist and also initiator and founder of the Vondelpark in Amsterdam. He married Catharina Huidekoper (1822-1879) on 6 October 1842. It is very likely that these candelabra were intended for the wedding dinner table. In the 20th century these candelabra were owned by jhr.mr. Maximilien Vegelin van Claerbergen (1927-2007), ambassador for the Netherlands, in Surinam and France. He had his family coat-of-arms engraved on the bases of the candelabra.


Kandelaars 1838 (2x)


 

406, nr. 177 fol. 109 (1836-1838, Werkmeestersboek 7-april-1838)

https://archief.amsterdam/inventarissen/scans/406/1.4.7/start/110/limit/10/highlight/4

7 (april) -zes drie kante kandelaars met goudrons GK 2722 gram  f. 240,- 



406, nr. 25, fol. 181 (1838) Debiteuren grootboek

https://archief.amsterdam/inventarissen/scans/406/1.1.27/start/0/limit/10/highlight/6

-Mr. C. Dedel (Willink), Keizersgr. bij de Spiegelstraat



406, nr. 25, fol. 181 (1838) Debiteuren grootboek

https://archief.amsterdam/inventarissen/scans/406/1.1.27/start/220/limit/10/highlight/2

5 november (1838)

-6 Kandelaars op 3 kante Voeten, met goudr. 3 voudige Colommen & goudr. Kapje GK 2722…..EAMgg. MMU. f. 660,-

-6 Zakken met Zeemleere voeringen. Cb BA. f. 12,-